Alle Blogs

Hoe vaak zie jij een gorilla over het hoofd?

Attention is like a spotlight. It can only shine on one thing at a time.
Geschreven op 8 november 2013

Ik zie ik zie wat jij niet ziet…

Dat je soms letterlijk je ogen niet kunt geloven, bewees het filmfragment dat ik laatst tegenkwam. Ik kreeg de opdracht om in het fragment te tellen hoe vaak de basketbalspelers met een wit t-shirt de bal over en weer spelen. Niet zo moeilijk zou je denken, nee dat was het ook niet! Nadat ik verblijd werd met de bevestiging dat mijn antwoord goed was, kreeg ik de vraag of ik de gorilla wel had gezien. Een gorilla? Waar? De scene met de basketbalspelers verscheen voor een tweede keer en opeens stapte daar een gorilla in beeld. Het kon niet waar zijn dat ik die aap de vorige keer gemist heb! Uit ongeloof bekeek ik het hele filmfragment nog een keer en ja hoor, hij kwam beide keren prominent in beeld.

Ik blijk niet de enige te zijn die de gorilla niet zag. Vijftig procent van de mensen die het filmfragment zagen, merkte de aap in eerste instantie niet op.

Onoplettend of blind?

Even een uitstapje naar de theorie: het gorilla-fenomeen wordt veroorzaakt door inattentional blindness, oftewel: onoplettende blindheid. Mensen worden continu overladen met informatie, waardoor het onmogelijk is aandacht te besteden aan alle prikkels die op je afkomen Je brein filtert de binnenkomende prikkels en verwerkt alleen die informatie die het als belangrijk gemarkeerd heeft. Jaja, dus doordat mijn hersenen alleen gefocust zijn op de bal die over en weer gespeeld wordt, ontgaat de aanwezigheid van de gorilla mij volledig.

Welke aspecten bepalen dat mensen inattentional blind kunnen zijn voor prikkels?

  1. Mentale belasting. Als iemand gefocust is op een bepaalde prikkel, kan hij minder aandacht besteden aan andere prikkels. Er is dan minder capaciteit in het werkgeheugen beschikbaar om de andere prikkels, zoals een gorilla die door het beeld loopt, op te vangen.
  2. Verwachtingen. Wanneer iemand bepaalde verwachtingen heeft in een situatie, neigt hij zich te focussen op deze verwachtingen en andere mogelijkheden te blokkeren. De persoon kan dan inattentional blind zijn voor andere details. Dit gebeurt bijvoorbeeld op het moment dat je uitkijkt naar je broer waar je mee hebt afgesproken en hierdoor een vriendin die voorbij loopt niet ziet.
  3. Oefening baart kunst. Hoeveel aandacht iemand nodig heeft voor een taak, bepaalt hoeveel capaciteit iemand ‘over’ heeft om andere prikkels op te vangen. Als iemand geoefend is in het uitvoeren van een taak, zal hij meer aandacht over hebben voor overige prikkels. Zo heeft een vierjarige die net zonder zijwieltjes fietst alle aandacht nodig voor het fietsen en is een geoefende fietser in staat te fietsen én te anticiperen op wat er gebeurt in het verkeer.
  4. Opvallendheid. Als een object prominent aanwezig is in het blikveld, trekt het snel de aandacht. De kans dat een object iemand opvalt, wordt onder andere groter als het bekend is, een uitgesproken kleur heeft en het contrasteert met de omgeving. Zo is een gevarendriehoek niet te missen. Is een object niet opvallend? Dan is de kans groter dat iemand hier inattentional blind voor is. Hoe vaak zie jij een gorilla over het hoofd?

 Gorilla’s in de praktijk

Als ontwikkelaar van leertrajecten kun je rekening houden met dit gorilla-fenomeen. Daarnaast kunnen we het volgens mij ook goed gebruiken in ons werk. Een greep uit de mogelijkheden:

  • Maak het bespreekbaar: door een deelnemer te wijzen op dingen die aanwezig zijn en die hij wellicht niet heeft gezien (zoals ik gewezen werd op de gorilla), kan hij zijn blikveld vergroten. Bouw bijvoorbeeld momenten van samenwerkend leren in en zorg ervoor dat de deelnemers hun ervaringen met elkaar bespreken. Samen zie en ervaar je immers veel meer.
  • Less is more: op het moment dat de deelnemer overladen wordt met informatie, gaat hij informatie negeren en mist hij wellicht de essentie. Houd je daarom aan het principe ‘less is more’. Beperk je tot de essentiële informatie en zorg ervoor dat je deze duidelijk aanbiedt.
  • Heldere verwachtingen: de deelnemer heeft bepaalde verwachtingen, deze bepalen wat hij ziet. Je kunt de deelnemer hierin sturen door het doel van je materiaal duidelijk te maken en te vertellen wat je van de deelnemer verwacht.
  • Oefenen: als de deelnemer iets onder de knie heeft, kost dit hem minder aandacht. Hierdoor heeft hij meer ruimte om ook andere informatie op te pikken. Zorg daarom voor voldoende en ook tussentijdse oefenmomenten zodat de deelnemer zoveel mogelijk oppikt van de aangeboden leerstof.
  • Val op: de kern moet de aandacht trekken van de deelnemer. Als het opvallend en prominent aanwezig is, is de kans groot dat de deelnemer aandacht geeft aan deze elementen. Gebruik daarom bij het ontwikkelen van leermaterialen contrasterende vormen en uitgesproken kleuren voor de kernelementen.

Voor mij is het gorilla-fenomeen een nieuw perspectief om naar leren te kijken. Het toepassen van de kennis over inattentional blindness kan een positieve invloed hebben op het leren, hier maak ik graag gebruik van!
Benieuwd naar het fenomeen inattentional blindness? Klik dan hier en bekijk het filmfragment.